Zo maak je flitskaarten
Eén kaart, twee kanten. Typ een vraag op de voorkant en het antwoord op de achterkant — of zet op een van beide kanten een afbeelding of een geluid.
Tweezijdige kaarten om van alles te oefenen, met tekst, afbeelding of audio aan beide kanten.
Eén kaart, twee kanten. Typ een vraag op de voorkant en het antwoord op de achterkant — of zet op een van beide kanten een afbeelding of een geluid.
Bepaal hoelang een kaart in beeld is voordat hij omdraait, en hoelang de achterkant blijft staan voordat de volgende komt.
Laat een speler de klok midden in de stapel stilzetten — handig als je de kaarten samen in de klas doorneemt.
Een set verkeerd om gemaakt, of wil je hem andersom oefenen? Draai alle kaarten in één keer om.
Sla het omdraaien helemaal over en toon voor- en achterkant samen — een set om door te lezen in plaats van overhoord te worden.
Spelers typen wat ze denken dat er op de achterkant staat voordat die wordt omgedraaid, en wat ze typten wordt bij de resultaten opgeslagen.
Elke kaart ligt omgekeerd in een raster en wordt omgedraaid in de volgorde die de speler wil, in plaats van één voor één.
Deelt de kaarten elke keer in een andere volgorde uit, zodat de set niet op volgorde wordt geleerd.
Twee spelers werken dezelfde stapel door en zien aan het eind hoe ze het tegenover elkaar deden.
Speel een kant-en-klare set flitskaarten om te zien wat je spelers krijgen.